Aanleiding
Het gebruik van de ondiepe ondergrond vormt een steeds groter vraagstuk. Waar voorheen de vraag vooral was waar en wanneer iets kon worden aangelegd of geplaatst, komt op veel locaties inmiddels de vraag op óf het überhaupt nog mogelijk is. Zodra onderzocht wordt onder welke voorwaarden kabels, leidingen of andere assets (dicht bij elkaar) aangebracht kunnen worden, doemt een wirwar aan regels, normen en (ontwerp)voorschriften op.
Deze normen zijn onder andere gericht op veiligheid, bereikbaarheid, voorspelbaarheid en onderlinge beïnvloeding. In de NEN 7171-1 staan richtlijnen en afstanden die enkel betrekking hebben op kabels en leidingen en die vooral toepasbaar zijn voor nieuwbouwsituaties. In aanvulling op de NEN, circuleren er handboeken, normprofielen en (ontwerp)voorschriften van publieke grondeigenaren, infrabeheerders, belangenorganisaties en netbeheerders. Wat deze vaak gemeen hebben, is dat ze zijn opgesteld vanuit één specifiek perspectief. Bovendien lijken er steeds vaker normen en beleidsstukken te ontstaan waarvan de feitelijke grondslag onduidelijk is.
Wanneer al deze normen strikt worden toegepast, blijkt de beschikbare ruimte vaak ontoereikend – er zou geen straat meer ingericht kunnen worden. In de praktijk leidt dit regelmatig tot impasses, die pas worden doorbroken wanneer er concessies worden gedaan in de ligging. Netten worden dan alsnog dichter bij elkaar gelegd, vaak pas na langdurige afwegingen en discussies die alle partijen veel tijd kosten.
Doelstelling
Om de overvolle ondergrond strakker te kunnen ordenen en tijdwinst te behalen in projecten, gaan we aan de slag met de volgende onderzoeksvragen:
-
Welke regels, normen en (ontwerp)voorschriften zijn er? En hoe kunnen deze worden gerangschikt en/of gecategoriseerd?
-
Welke grondslag is er voor de regels, normen en (ontwerp)voorschriften? En in hoeverre zijn deze afdwingbaar?
-
Wat is de aanleiding om bepaalde afstandseisen voor te schrijven? Hebben deze te maken met bereikbaarheid, beïnvloeding, voorspelbaarheid of omgevingseffecten? In hoeverre zijn de effecten onderzocht en onderbouwd?
-
Is er onderscheid te maken in (harde) eisen en wensen?
-
Hoe is de toepasbaarheid en welke knelpunten ontstaan er in de praktijk?
-
Waar zit de speelruimte voor interpretatie en afweging?
-
Welke mitigerende maatregelen bestaan er om bezwaren weg te nemen?
De opgehaalde informatie uit de branche wordt uiteindelijk samengevoegd in een rapport en wordt gepresenteerd in een visueel document, waarin het verschil in eisen en wensen helder weergegeven zijn.
Voor het groeiboek Technische fabels en feiten kabels en leidingen worden stellingen over de thema’s ruimtelijke ordening, maatvoering en beïnvloeding uitgewerkt. Omdat deze onderwerpen veel raakvlak hebben met het onderzoek van Ruimte, regels en realiteit, wordt er nauw samengewerkt tussen beide projectleiders.
Voortgang
Rapport
Op schemaRapportage
Verwacht: Q2 2026
Rapport
Op schemaRapportage
Toelichting status
Het project is vertraagd van start gegaan. Naar verwachting wordt de achterstand gedurende de looptijd van het project ingehaald.
Verwacht: Q2 2026
Rapport
Op schemaVisueel document
Verwacht: Q2 2026
Rapport
Op schemaVisueel document
Toelichting status
Wordt gezamenlijk met de rapportage opgeleverd.
Verwacht: Q2 2026
Afgelopen halfjaar
Platformbijeenkomst kabels en leidingen
Q4 2025
Tijdens de platformbijeenkomst is een korte presentatie over project gegeven, om stakeholders warm te maken en ze uit te nodigen een bijdrage te leveren.
Samenstellen expertteam en startbijeenkomsten
Q4 2025
Na persoonlijke benadering van verschillende stakeholders zijn er twee startbijeenkomsten geweest op 10 en 11 december, voor 20 geïnteresseerden. Het expertteam is samengesteld.
Vooruitblik
In Q1 2026 wordt in expertteamsessies opgehaald tegen welke problemen stakeholders aanlopen en welke regels, normen en (ontwerp)voorschriften hieraan ten grondslag liggen. Tijdens en na deze sessies wordt deze informatie verwerkt en geduid via desktopresearch en verdiepende interviews. In Q2 2026 wordt het in een rapport verzameld en ter review voorgelegd aan diverse stakeholders.
Deelnemers
COB
DELFT
Kapabel
DEN BOSCH
Machiel Jeurissen
Projectleider
Manon Bouwer
Begeleider/Facilitator
Marjolein van der Ploeg
Programmaleider
Rudi Zoet
Coordinator
Projectparticipatie
Organisatie details
Meer weten of deelnemen?
De projectleider is Machiel Jeurissen. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met manon.bouwer@cob.nl of met het COB kantoor via 085 – 4862 410.