Tweede Heinenoordtunnel – evaluatieverslag grondstromen eerste en tweede tunnelbuis
Algemene informatie
Toepassingen
Samenvatting
In dit rapport is een overzicht gegeven van de uitgevoerde metingen aan de uitkomende grond bij het boren van de twee buizen voor de Tweede Heinenoordtunnel.
Het rapport is in 1998 uitgebracht door Rijkswaterstaat tijdens de bouw van de Tweede Heinenoordtunnel in Barendrecht. Allereerst wordt er een schatting gegeven over de hoeveelheid en stabiliteit van de uitkomende grond. Vervolgens worden de metingen beschreven en de resultaten besproken. De twee tunnelbuizen worden hierbij apart behandeld.
Voor de eerste tunnelbuis zijn het overgrote deel van de metingen mislukt. Ook in de tweede tunnelbuis waren de meters uiterst gevoelig voor storingen. Desondanks zijn voor deze tunnelbuis wel betrouwbare metingen gedaan: 75% van de grond bestond uit grove delen, 25% bestond uit fijne delen. Uit de theorie was bepaald dat 63% van de grond bestond uit grove delen, 37% bestond uit fijne delen. De oorzaak van dit verschil kon worden verklaard met dat er fijne delen tussen de grove delen terecht waren gekomen, bijvoorbeeld in kleibrokken.
Bekijk document
Om dit document te bekijken, moet u eerst verifiëren dat u geen robot bent.