Bepaling van de effectiviteit van de pompen en transportleidingen
Algemene informatie
Toepassingen
Samenvatting
In dit document wordt een onderzoek besproken naar de effectiviteit van de pompen en transportleidingen van de tunnelboormachine bij de Tweede Heinenoordtunnel. Tevens is bij een bepaalde pompkromme het transportproces berekend voor diverse leidinglengten.
Voor zowel de aan- als afvoerleidingen zijn de vloeistof- en mengseleigenschappen bepaald en benodigde manometrische drukken die door de pompen moeten worden geleverd. Naast de manometrische opvoerhoogten gedurende het boorproces is ook het transport van de deeltjes nader beschouwd. Voor zand is een predictie gedaan aangaande aanzandingen voor klei aangaande kleibalvorming. Tot slot zijn meet- en beïnvloedingparameters gegeven, welke gedurende het boorproces bepaald kunnen worden en welke meer inzicht verschaffen in het boren van tunnels in slappe grond.
De conclusies uit het rapport zijn:
- Er is een waarneembaar verschil van 7% in opvoerhoogte tussen verpompen van schone en vervuilde bentoniet-suspensies.
- Er is een waarneembaar verschil van 20% in opvoerhoogte tussen verpompen van grond in schone en vervuilde bentoniet-suspensies.
- De ontwerpberekening van de gekozen pompinstallatie (deze was onbekend voor het onderzoek) dient te worden vergeleken met de pompkromme bepaald in het rapport om duidelijkheid te verkrijgen tussen de geldigheid en nauwkeurigheid van de predictie.
- Vermenging van grond met bentoniet-suspensie moet nauwkeurig in de gaten worden gehouden om zo aanzanding te voorkomen.
Bekijk document
Om dit document te bekijken, moet u eerst verifiëren dat u geen robot bent.