Naar kennisbank
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

L500 – Ontwerp- en rekenmethoden voor ondergronds bouwen

Algemene informatie

Auteur CUR/COB
Uitgever CUR/COB
Uitgavedatum april 1995
Gepubliceerd 1 mei 2016

Toepassingen

Tunnels

Samenvatting

Voorliggende nota “Ontwerp- en rekenmethoden voor ondergronds bouwen. Nota probleemanalyse en verkenning” bevat een zeer uitgebreide verkenning van kennisleemten die zijn te signaleren in beschikbare ontwerpconcepten voor met name boortunnels. Als probleemgebieden worden onderscheiden de geotechniek, constructies en het milieu, welke gebieden uiteraard niet los van elkaar kunnen worden gezien. Nederlandse klei- en veengronden zijn in verhouding tot het buitenland zeer slap en hebben een relatief laag volumegewicht. Mede door de hoge grondwaterspiegel zijn de effectieve grondspanningen relatief laag. Hieruit...

Voorliggende nota “Ontwerp- en rekenmethoden voor ondergronds bouwen. Nota probleemanalyse en verkenning” bevat een zeer uitgebreide verkenning van kennisleemten die zijn te signaleren in beschikbare ontwerpconcepten voor met name boortunnels. Als probleemgebieden worden onderscheiden de geotechniek, constructies en het milieu, welke gebieden uiteraard niet los van elkaar kunnen worden gezien.

Nederlandse klei- en veengronden zijn in verhouding tot het buitenland zeer slap en hebben een relatief laag volumegewicht. Mede door de hoge grondwaterspiegel zijn de effectieve grondspanningen relatief laag. Hieruit volgt dat de in andere landen gebruikte ontwerp- en rekenmethoden zeker niet zander meer voor de specifiek Nederlandse omstandigheden kunnen worden toegepast. Een relatief groot deel van de totale kosten van een boortunnelproject heeft betrekking op de tunnellining en verbindingen en/of aansluitingen met andere constructies. Om deze reden is men gebaat bij optimalisatie van het ontwerp en de dimensionering van deze constructies, rekening houdend met de complexe eisen van sterkte, stijfheid (of juist: flexibiliteit), duurzaamheid en waterdichtheid. Naast deze economische motieven speelt ook het veiligheidsaspect een belangrijke rol; technisch falen van diepliggende tunnelbuizen dient te allen tijde voorkomen te worden.

Op het gebied van milieu komen specifiek naar voren het probleemveld trillingen en het probleemveld grondwaterstroming. Veel onduidelijkheid bestaat nog over de mogelijke gevolgen van trillingen en contactgeluid die ontstaan door de aanleg en exploitatie van ondergrondse infrastructuur. Het grootste deel van Nederland heeft te maken met een relatief hoge grondwaterstand. De aanleg van ondergrondse infrastructuur kan effect hebben op de grondwaterstand of op het stromingsbeeld van het grondwater.

Bekijk document

Om dit document te bekijken, moet u eerst verifiëren dat u geen robot bent.

Gerelateerde documenten

Ramingen Hubertustunnel
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Ramingen Hubertustunnel

Auteurs:
F. de Graaf
Uitgever: -
Uitgave: NB | Geüpload op: 1 mei 2016

Dit document bevat een overzicht voor de verschillende bouwwijzen van de Hubertustunnel, de raming en het beschikbare budget voor de gehele Hubertustunnel.

Bekijk document
Stromingsgedrag groutinjectie Delft cluster
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Stromingsgedrag groutinjectie Delft cluster

Auteurs:
A.M. Talmon, L. Aanen
+1
Andere auteurs:
W.H. van der Zon
Uitgever: Delft Hydraulics
Uitgave: februari 2002 | Geüpload op: 1 mei 2016

Tussen de betonnen elementen van een geboorde tunnel en de grond wordt grout aangebracht. De manier waarop grout wordt aangebracht, bepaalt de drukverdeling in de grout. Deze drukverdeling is van belang om maaiveldzakkingen te beheersen en om de belasting op de tunnelelementen te beperken.

Bekijk document
M210 – Nieuwe tunnel- en sleuftechnieken – Samenvattingen
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

M210 – Nieuwe tunnel- en sleuftechnieken – Samenvattingen

Auteurs:
N.M. O'Prinsen
Uitgever: CUR/COB
Uitgave: juli 1995 | Geüpload op: 1 mei 2016

Deze bundel beoogt een overzicht te geven van diverse voorstellen, veelal gedaan in het kader van de Betuwelijn en HSL, van ondergrondse en tussengrondse bouwmethoden.

Bekijk document
Tweede Beneluxtunnel – Technische tekening: Verankering Tunnelelement 6 in zinksleuf
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Tweede Beneluxtunnel – Technische tekening: Verankering Tunnelelement 6 in zinksleuf

Auteurs:
Van Hattum en Blankevoort BV
Uitgever: Rijkswaterstaat
Uitgave: 1999 | Geüpload op: 1 mei 2016

Een technische tekening van "Verankering Tunnelelement 6 in zinksleuf" bij de de Tweede Beneluxtunnel. Naast globale tekeningen bestaat het document ook uit verschillende detailtekeningen.

Bekijk document
Overzicht berekeningsmethoden boorfrontstabiliteit vloeistofschild
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Overzicht berekeningsmethoden boorfrontstabiliteit vloeistofschild

Auteurs:
Dr. Ir. S. van Baars
Uitgever: Rijkswaterstaat
Uitgave: september 1998 | Geüpload op: 1 mei 2016

Tijdens het graven van een tunnel is een tijdelijke ondersteuning van het boorfront noodzakelijk om instabiliteiten te voorkomen. Bij het tunnelboren met een hydro-schild wordt het boorfront ondersteund met een speciale suspensie (bentoniet) die onder druk staat. De vraag is nu welke druk de bentoniet slurrie moet hebben.

Bekijk document
Specificatie instrumentatie en dynamische metingen Botlekspoortunnel
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Specificatie instrumentatie en dynamische metingen Botlekspoortunnel

Auteurs:
A.J.M. Peters, T.R. van der Poel
Uitgever: Centrum ondergronds bouwen
Uitgave: 1999 | Geüpload op: 1 mei 2016

Het onderzoeksdoel is de validatie van een aantal modellen voor trillingshinder rondom spoortunnels. In dit rapport worden het hiervoor benodigde meetsysteem bij de Botlekspoortunnel en de benodigde dynamische metingen gespecificeerd.

Bekijk document