Betrouwbaarheid van trillingspredicties
Algemene informatie
Toepassingen
Samenvatting
Delft Cluster 1 (DC1) heeft voorgaand aan het uitkomen van dit rapport onderzoek gedaan naar de betrouwbaarheid van trillingsvoorspellingen. De toepasbaarheid van het DC1 rapport bleek toch moeilijker te zijn dan verwacht. Als gevolg hiervan is dit rapport uitgebracht, met als doel het beschrijven van enkele alternatieve benaderingswijzen.
In het rapport van DC1 ontbreekt de predictie voor trillingen door railverkeer. Voor de andere voorspellingen is de predictie op korte afstand veel minder nauwkeurig dan op lange afstand, hier moet rekening mee gehouden worden. Extra informatie over de bodemparameters leidt niet tot significante verbeteringen van de resultaten. Dit geeft aan dat de parameteronzekerheid klein is, ofwel de dominante bron van onzekerheid is de modelonzekerheid.
Uit het onderzoek van DC1 blijkt dat de ervaring van de modelleur weinig invloed heeft op de betrouwbaarheid van de trillingspredicties. Wat ontbreekt in dit onderzoek zijn andere parameters over de modelleurs die niet zijn meegenomen, zoals het aantal predictieberekeningen wat een modelleur per maand uitvoert, ISO certificering, het IQ, het opleidingsniveau van de modelleur en/of zijn begeleider, etc.
Tabel 9 in het document laat een voorbeeldtabel zien wat kan zorgen voor een verbetering in de betrouwbaarheid. Er zijn echter nog wel een aantal zaken uit deze tabel die nog niet voorhanden is:
- Uitgangsbetrouwbaarheid: moet per model en deelmodel, inclusief de modelleur worden vastgesteld om de in dit hoofdstuk beschreven methodiek te kunnen uitvoeren.
- Specifieke situaties: bij specifieke situaties (zoals op lange afstanden) is de betrouwbaarheid hoger.
- Modelleur: zeer onzekere variabele.
- Verbetering betrouwbaarheid: modelonderdeel kan worden vervangen door een meting, als deze is uitgevoerd.
Bekijk document
Om dit document te bekijken, moet u eerst verifiëren dat u geen robot bent.