Praktijkonderzoek boortunnels – Liggerwerking Tunnelbuis
Algemene informatie
Toepassingen
Samenvatting
In het kader van het CUR/COB K100 is een predictie uitgevoerd naar het gedrag van de tunnel in langsrichting. Door consolidatie en variatie in stijheidsparameters van de grondlagen rondom de tunnel, zal de constructie zich als een ondersteunde ligger gaan gedragen. Daar waar de overgang het groots is, ter plaatse van de start- en ontvangstschacht, zal dit effect het sterkst optreden. voor deze studie is gekozen voor de situatie op de noordoever van de tweede Heinoordtunnel.
Na literatuurstudie zijn een drietal modellen beschouwd. Twee modellen op basis van een elastisch ondersteunde buigligger en een veren-model waarbij de vervorming in de voeg is meegenomen. Vervolgens zijn voor verschillende invoerparameters berekeningen gemaakt waarbij de gevoeligheid van deze parameters is bepaald.
Voor de beschouwde parameters is de verwachte vervorming circa 30 mm op 25 meter vanaf de startschaft. Hierbij zullen enkele voegen enigszins open gaan staan. Liggerwerking treedt op over een lengte tot circa 100 meter van de schacht. Uit de berekening blijkt dat met name de afschuifcapaciteit van de voegverbinding zeer moeilijk is te implementeren in de modellen. De gevoeligheidsanalyse toont aan dat de stijfheid van de voegen grote invloed heeft op de maximale vervorming en optredende krachtswerking. Bovendien is horizontale grondwrijving rondom de tunnelbuis van invloed op het gedrag in langsrichting.
Bekijk document
Om dit document te bekijken, moet u eerst verifiëren dat u geen robot bent.