Naar kennisbank
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Tweede Beneluxtunnel – de bouw

Algemene informatie

Auteur Bijlsma et al.
Uitgever Hollandse Combinatie Benelux
Uitgavedatum 1999
Gepubliceerd 1 mei 2016

Toepassingen

Tunnels Ondergrondse inrichting

Samenvatting

De A4 is een belangrijke autowegverbinding. Internationaal vormt de weg een belangrijk onderdeel van de route Schiphol- Rotterdam-Antwerpen, regionaal is het de hoofdader tussen Amsterdam, Den Haag en Rotterdam die de Rotterdamse regio ontsluit. De Beneluxtunnel, geopend in 1967, is een belangrijk onderdeel van deze A4. De Beneluxtunnel diende, net als de Van Brienenoordbrug, om de Maastunnel te ontlasten en is uitsluitend bedoeld voor gemotoriseerd verkeer. Bij de capaciteitsberekeningen voor de Beneluxtunnel ging men uit van maximaal 10.000 voertuigen per...

De A4 is een belangrijke autowegverbinding. Internationaal vormt de weg een belangrijk onderdeel van de route Schiphol- Rotterdam-Antwerpen, regionaal is het de hoofdader tussen Amsterdam, Den Haag en Rotterdam die de Rotterdamse regio ontsluit. De Beneluxtunnel, geopend in 1967, is een belangrijk onderdeel van deze A4. De Beneluxtunnel diende, net als de Van Brienenoordbrug, om de Maastunnel te ontlasten en is uitsluitend bedoeld voor gemotoriseerd verkeer. Bij de capaciteitsberekeningen voor de Beneluxtunnel ging men uit van maximaal 10.000 voertuigen per dag.

Het verkeersaanbod is in de loop der jaren echter aanzienlijk toegenomen, en inmiddels maken ongeveer 10 keer zoveel auto’s en vrachtauto’s gebruik van deze weg. Gezien de ontwikkelingen in de regio zullen de verkeersstromen alleen maar toenemen. De stad Rotterdam breidt uit met extra woongebieden en de economische activiteit in het haven gebied groeit nog steeds. Er komt dus meer woon-werkverkeer én extra vrachtverkeer. Al dit verkeer moet over de A4 door de Beneluxtunnel. Er is in de directe omgeving immers geen andere mogelijkheid om de Nieuwe Maas te kruisen.

Een andere ontwikkeling is het huidige verkeers- en vervoers- beleid van de overheid. Dit beleid heeft niet-milieubelastend verkeer als speerpunt. In het kader hiervan moeten het wegennet, het fietsnetwerk en de openbaar vervoersverbindingen rond Rotterdam worden aangepakt. Maar in de bestaande tunnel is geen rekening gehouden met fietsers, voetgangers of metro. Fietsers die aan de overkant moeten zijn, kunnen de Nieuwe Maas alleen oversteken met de veerpont tussen Vlaardingen en Pernis.

Bekijk document

Om dit document te bekijken, moet u eerst verifiëren dat u geen robot bent.

Gerelateerde documenten

Afstudeeronderzoek naar de krachtswerking in de lining van een DOT-tunnel
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Afstudeeronderzoek naar de krachtswerking in de lining van een DOT-tunnel

Auteurs:
A. van Eck
Uitgever: TNO
Uitgave: 20 november 1999 | Geüpload op: 1 mei 2016

Afstudeeronderzoek naar de krachtswerking in de lining van een DOT-tunnel in het kader van HSL-Zuid.

Bekijk document
DINOloket
Webpagina

DINOloket

Auteurs:
-
Uitgever: TNO
Uitgave: - | Geüpload op: 20 februari 2022

Iedereen die geïnteresseerd is in de ondergrond, kan op DINOloket van TNO, Geologische Dienst Nederland, gratis gegevens van de ondergrond bekijken en aanvragen.

Bekijk document
Tweede Beneluxtunnel – Berekening tijdelijke oplegreacties, hijsoogkrachten en bolderkrachten
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Tweede Beneluxtunnel – Berekening tijdelijke oplegreacties, hijsoogkrachten en bolderkrachten

Auteurs:
-
Uitgever: Van Hattum en Blankevoort BV
Uitgave: 17 december 1999 | Geüpload op: 1 mei 2016

Dit document beschrijft de berekening van de tijdelijke oplegreacties van de afzinkelementen, de hijsoogbelasting per hijsoog en de benodigde bolderkracht op de afzinklocatie van de Tweede Beneluxtunnel.

Bekijk document
Brochure observational method
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Brochure observational method

Auteurs:
Geo-Impuls
Uitgever: Geo-Impuls
Uitgave: 20 april 2015 | Geüpload op: 26 augustus 2021

Deze brochure vertelt waar de Observational Method (OM) in het kort op neerkomt en waarom je deze ontwerpmethode zou gebruiken. Aan de hand van een aantal criteria kan worden bepaald of de OM bij een bepaald project bruikbaar is.

Bekijk document
Tegelberekening t.b.v. secundaire opleggingen van TE 1 en 5 – Tweede Beneluxtunnel
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Tegelberekening t.b.v. secundaire opleggingen van TE 1 en 5 – Tweede Beneluxtunnel

Auteurs:
S. Huitema, J. Hogeweg
Uitgever: Van Hattum en Blankevoort BV
Uitgave: 1999 | Geüpload op: 1 mei 2016

Ten behoeve van het afzinken van de tunnelelementen van de Tweede Beneluxtunnel zijn ter plaatse van de secundaire opleggingen van TE 1 en 5 oplegtegels nodig. De vijzelpennen, twee in totaal, zijn in de buitenwanden geplaatst, 30 meter uit de secundaire zijde van het TE. Voor de TE-en 2, 3, 4, en 6 zijn geen tegels nodig omdat deze op een grindbed worden afgezonken.

Bekijk document
Causal risk models for tunnel works
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Causal risk models for tunnel works

Auteurs:
Ibsen Chivatá Cárdenas
Uitgever: University of Twente
Uitgave: 12 oktober 2012 | Geüpload op: 1 mei 2016

Ibsen Chivatá Cárdenas onderzocht in hoeverre geïntegreerde risicoinformatie in de vorm van causale modellen, kan bijdragen aan risicomanagement in praktijkprojecten. Zijn onderzoek toont aan dat causale modellen op projectbasis toegepast kunnen worden, zowel als leidraad als voor de identificatie van specifieke tegenmaatregelen.

Bekijk document