F300 – Predictieproeven grondgedrag met schuim
Algemene informatie
Toepassingen
Samenvatting
In opdracht van CUR/COB is onderzoek uitgevoerd naar het effect van schuim op de fysische eigenschappen van drie grondsoorten (klei, grof zand en fijn zand). De fysische eigenschappen zijn gekwantificeerd met behulp van samendrukkings- en triaxiaalproeven.
Uit de samendrukkingsproeven blijkt dat bij spanningen tot ca. 50 kPa klei zich overwegend slapper gedraagt met schuim, terwijl boven deze spanning het materiaal zich juist stijver gedraagt. Grof zand blijkt zich stijver te gaan gedragen met schuim, terwijl fijn zand juist een slappen gedrag te zien laat geven al er schuim aan is toegevoegd.
Voor de lagere belastingniveaus (tot ca. 50 kPa) neemt het stijver wordende gedrag tussen 9 dagen en 9 weken toe voor het grove zand na toevoeging van het schuim, bij hogere belastingniveaus neemt dit stijver wordende gedrag af tot vrijwel 0 voor het hoogste belastingniveau. Het slappere gedrag van het fijne zand blijft toenemen in de tijd. Uit de triaxiaalproeven blijkt het effect van schuim bij klei pas na meerdere weken zichtbaar. Na 4 weken neemt de hoe van inwendige wrijving sterk af, terwijl de cohesie juist sterk toeneemt. In het geval van de zandmonsters is het effect kleiner. Bij beide zandsoorten blijkt ook de hoek van inwendige wrijving af te nemen. Dit effect is het sterkst in het geval van het grove zand.
Bekijk document
Om dit document te bekijken, moet u eerst verifiëren dat u geen robot bent.