Westerschelde oeververbinding – nota tracebeschrijving
Algemene informatie
Toepassingen
Samenvatting
Deze nota geeft een gedetailleerde toelichting en nadere argumentatie van de optimalisaties voor het tracé van de toekomstige Westerschelde oeververbinding. Het vastgestelde tracé voor de WOV wordt door een groot aantal factoren bepaald. Deze worden hier per wegvak beschreven. Hierbij krijgen onder andere aspecten als ontwerpcriteria, alignement, fasering en obstakels aandacht. Ook wordt de tracering van aansluitende en kruisende infrastructuur in detail bekeken.
De procedures voor het vaststellen van het tracé voor de Westerschelde Oeververbinding zijn op 1 maart 1991 afgerond met de keuze van Provinciale Staten van Zeeland voor tracé 3 uit de tracénota/MER. Daarbij is rekening gehouden met de aanbevelingen van de commissie voor de Milieu-Effectrapportage en de Raad voor de Waterstaat. In de uitwerking van het toetsontwerp is voor het kruisen van de Everingen gekozen voor brugoplossingen. Ondertunneling is technisch zeer wel mogelijk, maar op basis van eerdere studies is geconcludeerd dat brugoplossingen financieel aantrekkelijker zijn.
De nota verwijst veelvuldig naar de tekeningenboeken van de nota ‘voorontwerp’, die het tracé in algemene zin beschrijft. Verder heeft deze nota een sterke relatie met de nota ‘randvoorwaarden’, waarin onder meer de locatie-eisen en functionele eisen van het door het Provinciaal Bestuur vastgestelde tracé zijn vastgelegd.
Bekijk document
Om dit document te bekijken, moet u eerst verifiëren dat u geen robot bent.