K100 – Additioneel grondonderzoek boorvloeistof Tweede Heinenoordtunnel
Algemene informatie
Toepassingen
Samenvatting
In het kader van het CUR/COB-uitvoeringsprogramma K100 “Praktijkonderzoek Boortunnels” is een additioneel grondonderzoek uitgevoerd, waarin het gedrag van de boorvloeistof die zal worden toegepast tijdens het boren van de Tweede Heinenoordtunnel alsmede de interactie van deze boorvloeistof met de grond middels proeven is onderzocht. Het laboratorium-onderzoek is in twee delen uitgevoerd. De onderzoeken zijn in dit rapport onverkort gebundeld.
In het eerste rapport (TU-95023: Desintegratie van kleibrokken) zijn onderzoeken uitgevoerd om het desintegratie gedrag van klei in de mengkamer van een tunnelboormachine te kunnen voorspellen. De deelprocessen die werden onderzocht zijn de botsing van kleibrokken onderling en de botsing van de kleiblokken met de wand. Uit de resultaten blijkt dat de interactie tussen kleiblokjes onderling een factor is voor degradatie. De beginvorm van het kleiblokje, goede of slechte kubusvorm, heeft weinig invloed op het ontstaan van een voorkeursrichting tijdens de proef en het daarbij cilindervormig desintegreren van het kleiblokje.
In het tweede rapport (WL-J972: (Meng-)gedrag boorvloeistof) zijn onderzoeken uitgevoerd die de viscositeit en vloeispanning van boorvloeistof meten met behulp van een rotoviscometer. Omdat de hoeveelheid grond in het mengsel met boorvloeistof van belang is zijn er verschillende concentraties grond gebruikt voor de proeven.
Bekijk document
Om dit document te bekijken, moet u eerst verifiëren dat u geen robot bent.