Naar kennisbank
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

L530 – Kantelbelastingen Tweede Heinenoordtunnel

Algemene informatie

Auteur C.B.M. Blom
Uitgever COB
Uitgavedatum juni 1999
Gepubliceerd 1 mei 2016

Toepassingen

Tunnels

Samenvatting

Uit metingen bij de Tweede Heinenoordtunnel blijkt dat de tunnel achter de tunnelboormachine vervormingen ondervindt tijdens de bouwfase. Metingen in de segmenten van de lining en deformatiemetingen aan de ringvorm van de lining hebben vervormingen laten zien die niet eerder zijn gemodelleerd. Van deze vervormingen wordt verwacht dat ze kunnen worden veroorzaakt door zogenaamde kantelbelastingen. Kantelbelastingen ontstaan door bijvoorbeeld een kantelmoment vanuit de TBM op de lining (excentriciteit van de vijzelkracht) en het opdrijvende effect van vloeibaar grout. In dit...

Uit metingen bij de Tweede Heinenoordtunnel blijkt dat de tunnel achter de tunnelboormachine vervormingen ondervindt tijdens de bouwfase. Metingen in de segmenten van de lining en deformatiemetingen aan de ringvorm van de lining hebben vervormingen laten zien die niet eerder zijn gemodelleerd. Van deze vervormingen wordt verwacht dat ze kunnen worden veroorzaakt door zogenaamde kantelbelastingen. Kantelbelastingen ontstaan door bijvoorbeeld een kantelmoment vanuit de TBM op de lining (excentriciteit van de vijzelkracht) en het opdrijvende effect van vloeibaar grout. In dit onderzoek worden enkele bevindingen van de Tweede Heinenoordtunnel uitgediept, waarna met behulp van een modellering met een EEM-model in ANSYS cases worden uitgewerkt.

Als parameters voor de cases worden de omstandigheden van de Tweede Heinenoordtunnel aangenomen om zodoende de bevindingen in de metingen bij de Tweede Heinenoordtunnel te benaderen. Uit de cases die zijn uitgewerkt blijkt dat de excentriciteit van de vijzelbelastingen die aangrijpen op de lining een belangrijke rol spelen in het optredende macro-vervormingsgedrag van de lining achter de TBM. Uit de berekeningen kan worden geconcludeerd dat de excentrische vijzelbelastingen, qua dominantie, van gelijke orde of dominanter zijn dan het groutdrukverloop om de lining.

Deformatiemetingen aan de Tweede Heinenoordtunnel laten een neerwaartse verticale verplaatsing van de lining even achter de TBM zien, terwijl in vele analyses ervan uit wordt gegaan dat de tunnel zou moeten opdrijven in het vloeibare grout. Met behulp van de berekende cases kunnen de bevindingen van de deformatiemetingen worden bevestigd.

Gerelateerde documenten

L510 – Inventarisatie ontwerpmethoden boortunnels voor weg- en railverbindingen
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

L510 – Inventarisatie ontwerpmethoden boortunnels voor weg- en railverbindingen

Auteurs:
Commissie L510 (COB)
Uitgever: COB
Uitgave: 1996 | Geüpload op: 6 september 2016

Dit rapport bevat een inventarisatie van ontwerpeisen en bijbehorende ontwerpmethoden voor boortunnels onder Nederlandse omstandigheden.

Bekijk document
Risico’s en storingen bij geboorde tunnels – Eerste evaluatie K100
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Risico’s en storingen bij geboorde tunnels – Eerste evaluatie K100

Auteurs:
Ir. W. Broere en Ir. B. Polen
Uitgever: GeoDelft
Uitgave: september 1996 | Geüpload op: 1 mei 2016

Bij de aanleg en de exploitatie van de Tweede Heinenoordtunnel is een groot aantal metingen en experimenten uitgevoerd. Dit rapport maakt onderdeel uit van de rapportage ten behoeve van de eerste orde evaluatie voor de hoofdgroep boortechnologie. In het rapport word met name aandacht besteed aan de metingen en predicties die zijn uitgevoerd op het gebied van boorfrontstabiliteit. 

Bekijk document
Literatuurstudie bezwijkveiligheid boortunnels
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Literatuurstudie bezwijkveiligheid boortunnels

Auteurs:
Ir. S.J. Lokhorst, Ir. D.J. Molenaar
Uitgever: Consortium DC-COB
Uitgave: 2007 | Geüpload op: 1 mei 2016

Literatuurstudie naar de bezwijkveiligheid van geboorde tunnels. De studie is gebaseerd op twee doelstellingen: 1) Het doen van een uitspraak over de bezwijkveiligheid van geboorde tunnels. 2) Het doen van een uitspraak over de relatie tussen grondbelasting en de belasting die voor de lining van belang is.

Bekijk document
K100 – Invloed waterspanning op stabiliteit boorfront: predictie B01D van cluster 1
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

K100 – Invloed waterspanning op stabiliteit boorfront: predictie B01D van cluster 1

Auteurs:
A. Bezuijen
Uitgever: CUR/COB
Uitgave: februari 1996 | Geüpload op: 1 mei 2016

Deze predictie heeft als doel om aan te geven wat de invloed is van de door het boren gegenereerde waterspanningen op de stabiliteit van het boorfront.

Bekijk document
Tweede orde evaluatie tunnelconstructie Tweede Heinenoordtunnel Deel 3
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Tweede orde evaluatie tunnelconstructie Tweede Heinenoordtunnel Deel 3

Auteurs:
C.B.M. Blom, G.P.C. Oosterhout
Uitgever: CUR/COB
Uitgave: 26 mei 1998 | Geüpload op: 1 mei 2016

In dit rapport wordt verslag gedaan van de evaluatie van de metingen aan de Meetring Zuid in de Tweede Heinenoordtunnel bij de passage van de TBM tijdens het boren van de oostelijke tunnelbuis.

Bekijk document
L530 – Invloed discontinuïteiten op liggerwerking geboorde gesegmenteerde tunnel
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

L530 – Invloed discontinuïteiten op liggerwerking geboorde gesegmenteerde tunnel

Auteurs:
M.R.C. v.d. Heijde
Uitgever: CUR/COB
Uitgave: 5 juni 1998 | Geüpload op: 1 mei 2016

Dit rapport doet verslag van een onderzoek naar de invloed van discontinuïteiten op de liggerwerking van een geboorde gesegmenteerde tunnel.

Bekijk document
COB AI