Naar kennisbank
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Technische haalbaarheidsstudie tunnelverbinding A6/A9 – bijlage

Algemene informatie

Auteur A.J. van Seters
Uitgever Rijkswaterstaat
Uitgavedatum 30 september 2002
Gepubliceerd 1 mei 2016

Toepassingen

Tunnels Ondergrondse inrichting

Samenvatting

In dit rapport is een eerste inventarisatie gemaakt van geo-technische en geo-hydrologische aspecten voor een mogelijke ondergrondse aanleg van de verbinding tussen de A6 en de A9, tussen de knooppunten Holendrecht (Rijksweg A9) en Muiderberg (Rijksweg A6). Op basis van een beperkt archiefonderzoek is vastgesteld, dat de bodem ter plaatse weinig bijzondere belemmeringen geeft voor een ondergrondse aanleg. De bovenste 2 à 10 meter bestaat uit klei- en veenlagen. Daaronder worden tot een diepte van ca. 50 meter voornamelijk zandlagen...

In dit rapport is een eerste inventarisatie gemaakt van geo-technische en geo-hydrologische aspecten voor een mogelijke ondergrondse aanleg van de verbinding tussen de A6 en de A9, tussen de knooppunten Holendrecht (Rijksweg A9) en Muiderberg (Rijksweg A6).
Op basis van een beperkt archiefonderzoek is vastgesteld, dat de bodem ter plaatse weinig bijzondere belemmeringen geeft voor een ondergrondse aanleg. De bovenste 2 à 10 meter bestaat uit klei- en veenlagen. Daaronder worden tot een diepte van ca. 50 meter voornamelijk zandlagen aangetroffen. In het westelijke deel van het tracé, vanaf knooppunt Holendrecht, wordt op 50 meter diepte een ca. 10 meter dikke klei/leemlaag aangetroffen, die in oostelijke richting dunner wordt. Gezien de aanwezigheid van brak of zout grondwater, in combinatie met de grote diepte waarop een waterafsluitende laag wordt aangetroffen en de grote doorlatendheid van de zandlagen, zullen ontgravingen van enige omvang waarschijnlijk in den natte moeten worden uitgevoerd.
Technische aandachtspunten in geval van een boortunnel zijn de mogelijke aanwezigheid van grindformaties, die een negatieve invloed op de boorfrontstabiliteit kunnen hebben en die ook de funderingstypen bij het ontwerp van de schachten kunnen beïnvloeden. Ook de pakking dichtheid van het zand is een aandachtspunt: bij een aantal sonderingen is een losse pakking van het zand aangetroffen, zodat het risico van verweking nader dient te worden onderzocht. De stromingsrichting van het grondwater is overwegend van oost naar west, dus ongeveer parallel aan het tracé. Gegeven de dikte van het watervoerend pakket zal een eventuele boortunnel geen substantiële beïnvloeding geven van stijghoogten van het grondwater.
In dit rapport is niet gekeken naar de eventuele ruimtelijke belemmeringen voor ondergrondse aanleg, zoals de aanwezigheid van objecten of randvoorwaarden en eisen voortkomend uit de gebruiksfuncties van het te doorsnijden gebied. In een volgende fase zal vooral naar deze randvoorwaarden gekeken dienen te worden, waarna een voorontwerp kan worden gemaakt. In een dergelijk voorontwerp kunnen naast een boortunnel ook andere uitvoeringswijzen op hoofdlijnen worden beschouwd.

Bekijk document

Om dit document te bekijken, moet u eerst verifiëren dat u geen robot bent.

Gerelateerde documenten

L530 – Grond-belasting en stijfheden
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

L530 – Grond-belasting en stijfheden

Auteurs:
C.M. Frissen, B.F.J. van Dijk
+1
Andere auteurs:
G.A. Visser
Uitgever: CUR/COB
Uitgave: 1998 | Geüpload op: 1 mei 2016

Dit rapport doet verslag van een onderzoek naar de modellering van grond rond een tunneldoorsnede in het kader van deelplan L530 vanuit het CUR/COB.

Bekijk document
Advies tunneltechnische installaties Betuweroute
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Advies tunneltechnische installaties Betuweroute

Auteurs:
K.J. den Drijver
Uitgever: Bouwdienst Rijkswaterstaat
Uitgave: 30 juni 2003 | Geüpload op: 1 mei 2016

Een onderzoek naar de benodigde veiligheidsvoorzieningen voor de tunnels in de Betuweroute, met als doel te komen tot een advies met betrekking tot het gewenste/vereiste veiligheidsniveau van de tunnels in de Betuweroute

Bekijk document
DOC
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Voorbeeld meetrapport exploitatiefase boortunnels

Auteurs:
-
Uitgever: COB
Uitgave: 16 januari 2024 | Geüpload op: 16 januari 2024

Dit Excel-document kan als gebruikt worden als voorbeeld van een meetrapport tijdens de exploitatiefase van een boortunnel.

Bekijk document
L520 Richtlijnen voor het bepalen van grondparameters voor boortunnels
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

L520 Richtlijnen voor het bepalen van grondparameters voor boortunnels

Auteurs:
G. Greeuw
Uitgever: GeoDelft
Uitgave: december 1999 | Geüpload op: 1 mei 2016

Dit rapport moet worden gezien als een aanvulling op de algemene parameterbepaling, met nadruk op de geotechnische aspecten van boortunnels.

Bekijk document
TBM Tweede Heinenoordtunnel – ijkmetingen bentonietleiding
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

TBM Tweede Heinenoordtunnel – ijkmetingen bentonietleiding

Auteurs:
P. Borsje, J.D. van den Bunt
Uitgever: Delft Hydraulics
Uitgave: 1998 | Geüpload op: 1 mei 2016

In het kader van het programma "Praktijkonderzoek Boortunnels, K100" werden metingen met betrekking tot het boorproces uitgevoerd. Een onderdeel daarvan betrof het meten van drukken op de voor- en de aehterzijde van een arm van het snijrad en op het zog. duikschot. De membranen van de drukopnemers waren voorzien van een elastische kunststof laag ter beseherming tegen puntbelastingen en slijtage. De opnemers in deze uitvoering vertoonden nul-drift waarvan de oorzaak nog niet goed is vastgestel.

Bekijk document
Het hygroscopisch evenwichtsvochtgehalte van Fendolite M2
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Het hygroscopisch evenwichtsvochtgehalte van Fendolite M2

Auteurs:
C.J.J. Castenmiller
Uitgever: Bouwdienst Rijkswaterstaat
Uitgave: 17 november 1999 | Geüpload op: 1 mei 2016

Dit onderzoek tracht de hygroscopische kenmerken van Fendolite M2 te bepalen, deze kenmerken spelen een belangrijke rol in het brandgedrag van dit spuit-pleister wat in tunnels gebruikt wordt. 

Bekijk document