Naar kennisbank
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Validatiemetingen HST-passage

Algemene informatie

Auteur F.M.B. Galanti, A. Koopman, G. Esposito
Uitgever TNO
Uitgavedatum 2005
Gepubliceerd 1 mei 2016

Toepassingen

Ondergrondse inrichting

Samenvatting

Door de toegenomen vraag naar betrouwbaar vervoer over land is het aantal hogesnelheidsverbindingen in de afgelopen twee decennia aanzienlijk toegenomen. Een direct nadeel van dergelijke spoorverbindingen, vooral in dichtbevolkte stedelijke omgevingen, is het ontstaan ​​van geluid en trillingen, niet alleen tijdens de exploitatiefase, maar ook tijdens de voorafgaande bouwfase. Hierdoor is het noodzakelijk geworden om de geluids- en trillingsniveaus in de nabijheid van (toekomstige) spoorlijnen in te schatten. Op basis van de resultaten van dergelijke schattingen kan het nodig zijn...

Door de toegenomen vraag naar betrouwbaar vervoer over land is het aantal hogesnelheidsverbindingen in de afgelopen twee decennia aanzienlijk toegenomen. Een direct nadeel van dergelijke spoorverbindingen, vooral in dichtbevolkte stedelijke omgevingen, is het ontstaan ​​van geluid en trillingen, niet alleen tijdens de exploitatiefase, maar ook tijdens de voorafgaande bouwfase.

Hierdoor is het noodzakelijk geworden om de geluids- en trillingsniveaus in de nabijheid van (toekomstige) spoorlijnen in te schatten. Op basis van de resultaten van dergelijke schattingen kan het nodig zijn om alternatieven te kiezen voor de aanlegmethode en voor het ontwerp van de spoorlijn, waarbij in het laatste geval rekening kan worden gehouden met geluid- en trillingsbeperkende maatregelen.

Alleen rekening houdend met het trillingsprobleem kunnen schattingen of voorspellingen van trillingsniveaus worden gemaakt met behulp van een verscheidenheid aan analysetools, variërend van empirische modellen tot geavanceerde modellen zoals de eindige-elementenmethode. In een recent Delft Cluster-project is de nauwkeurigheid van de bestaande voorspellingsstrategieën onderzocht. De resultaten van het project lieten zien dat trillingsvoorspellingen worden gekenmerkt door een grote onzekerheid, de Wit & Waarts (2003). Het project toonde ook aan dat de onzekerheid niet significant afneemt met de complexiteit van de gebruikte voorspellingstool.

Geavanceerde multidimensionale numerieke modellen lijken dezelfde mate van onzekerheid op te leveren als die geassocieerd met technische oordeelsvorming. Niettemin bieden geavanceerde modellen waarschijnlijk de beste modelleringsopties, maar kunnen moeilijk af te stemmen zijn vanwege de noodzaak om een ​​aantal vereenvoudigende aannames te doen en vanwege het grote aantal modelleringsparameters.

Gerelateerde documenten

Validatiemetingen HST-passage Brussels-Köln
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Validatiemetingen HST-passage Brussels-Köln

Auteurs:
G. Esposito
Uitgever: TNO
Uitgave: 2003 | Geüpload op: 1 mei 2016

De Belgische spoorwegmaatschappij NMBS georganiseerd homologatie tests van de hogesnelheidstrein spoor op de lijn L2 Brussel-Keulen in augustus en september 2002. In dit kader werden impedantie tests uitgevoerd in september 2002 op twee locaties. Dit rapport geeft de technische details en de resultaten van de impedantie-test uitgevoerd op Waremme door TNO.

Bekijk document
Trillingshinder door exploitatie van railinfrastructuur
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Trillingshinder door exploitatie van railinfrastructuur

Auteurs:
Bakker et al.
Uitgever: Centrum ondergronds bouwen
Uitgave: 3 november 2011 | Geüpload op: 8 september 2016

Ondanks een toename aan personen- en goederenvervoer moet de leefbaarheid rond het spoor op peil blijven. Op initiatief van ProRail heeft de COB-commissie T130 daarom onderzoek gedaan naar toepasbare maatregelen om trillingshinder bij het spoor te beperken. Het projectvoorstel is gebaseerd op een diepgaande analyse van de huidige kennis van zaken op het gebied van trillingshinder door onder andere Deltares, TU Delft en TNO.

Bekijk document
F530 – Aanbevelingen voor het ontwerp van bouwkuipen in stedelijke omgeving
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

F530 – Aanbevelingen voor het ontwerp van bouwkuipen in stedelijke omgeving

Auteurs:
M. Korff, R.P. Roggeveld et al.
Uitgever: COB
Uitgave: 2012 | Geüpload op: 1 mei 2016

In de rapportage worden opgedane ervaringen tezamen met bestaande rekenmethoden ter bepaling van de omgevingsbeïnvloeding gebundeld tot een praktisch bruikbaar boekwerk waarmee risico’s voor de omgeving van bouwkuipen beter inzichtelijk en beheersbaar kunnen worden gemaakt.

Bekijk document
N500 – Inventarisatie beheer kunstwerken
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

N500 – Inventarisatie beheer kunstwerken

Auteurs:
T.A.M. Salet
Uitgever: Intron
Uitgave: 1996 april 1996 | Geüpload op: 1 mei 2016

In het kader van het Impulsprogramma Kennisinfrastructuur Ondergronds Bouwen heeft Intron ter voorbereiding op het uitvoeringsprogramma "construeren, beheer en onderhoud" een inventarisatie gemaakt van het beheer van kunstwerken in het algemeen en ondergrondse constructies in het bijzonder.

Bekijk document
Van realisatie naar exploitatie
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Van realisatie naar exploitatie

Auteurs:
Janssens et al.
Uitgever: Centrum ondergronds bouwen
Uitgave: 12 januari 2021 | Geüpload op: 12 januari 2021

Tijdens de realisatie van een tunnelproject worden soms keuzes gemaakt die niet goed aansluiten op het beheer en onderhoud tijdens de exploitatiefase. In dit rapport zijn tien hoofdoorzaken op een rij gezet en worden aanbevelingen gedaan om de 'schuttingen' te verlagen of omver te trekken.

Bekijk document
Leidraad veiligheidsdocumentatie voor wegtunnels
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Leidraad veiligheidsdocumentatie voor wegtunnels

Auteurs:
Rijkswaterstaat
Uitgever: Rijkswaterstaat
Uitgave: 2012 | Geüpload op: 10 november 2016

De leidraad veiligheidsdocumentatie voor wegtunnels is bijlage 2 bij de artikelen 5 en 6 van de Regeling aanvullende regels veiligheid wegtunnels en artikel 2.13 van de Regeling Omgevingsrecht.

Bekijk document