Naar kennisbank
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

F230 – Prototype onderzoek tekscan drukopener

Algemene informatie

Auteur M.R.A. van Vliet, D.J. Molenaar, F.B.J. Gijsbers
Uitgever COB
Uitgavedatum 10 juli 2002
Gepubliceerd 1 mei 2016

Toepassingen

Tunnels

Samenvatting

Door COB-commissie F230 is in principe besloten om een ring van de tweede buis van de Sophiaspoortunnel aan de buitenzijde van de segmenten te voorzien van druksensoren van de firma Tekscan, zoals beschreven in het TNO/Iv-Infra rapport “Onderzoek, inventarisatie en beoordeling bestaande metingen Sophia spoortunnel en praktische haalbaarheid van additionele metingen met name gronddrukdozen en drukfolies”, d.d. 2 januari 2002. Met deze sensoren kunnen grout- en gronddrukken op de buitenzijde van de tunnelwand worden gemeten. Beoogd wordt om drie sensoren...

Door COB-commissie F230 is in principe besloten om een ring van de tweede buis van de Sophiaspoortunnel aan de buitenzijde van de segmenten te voorzien van druksensoren van de firma Tekscan, zoals beschreven in het TNO/Iv-Infra rapport “Onderzoek, inventarisatie en beoordeling bestaande metingen Sophia spoortunnel en praktische haalbaarheid van additionele metingen met name gronddrukdozen en drukfolies”, d.d. 2 januari 2002.

Met deze sensoren kunnen grout- en gronddrukken op de buitenzijde van de tunnelwand worden gemeten. Beoogd wordt om drie sensoren per segment te plaatsen op vijf van de zeven segmenten in de ring, zodat in totaal op vijftien plaatsen langs de omtrek drukken kunnen worden gemeten. Een druksensor bestaat uit een dunne folie met daarin opgenomen twee orthogonale grids van elektrische draden met daartussen een drukgevoelig materiaal.

Data-acquisitie vindt plaats middels bijgeleverde randapparatuur die op de zogenaamde sensorflappen kan worden aangesloten. Om de sensor tegen beschadiging te beschermen wordt deze tussen twee dunne stalen platen geplaatst. Deze “sandwich” wordt op de buitenzijde van het segment bevestigd. De sensorflap wordt door het segment naar binnen geleid, via een in het segment aan te brengen buisje. Het geheel van de sensor, de stalen platen en de doorvoer van de sensorflap naar binnen wordt hierna de drukopnemer genoemd.

De resultaten van de eerste fase zijn beschreven in het voorliggende rapport. Allereerst wordt ingegaan het ontwerp van de meetring, waaronder een specificatie van de benodigde onderdelen (apparatuur, bekabeling e.d.) en de plaatsing van de drukopnemers op de segmenten. Daarna volgt een beschrijving van het ontwerp van een prototype van de drukopnemer zoals die in de meetring toegepast zou moeten worden.

Bekijk document

Om dit document te bekijken, moet u eerst verifiëren dat u geen robot bent.

Gerelateerde documenten

SATO 8: afgezonken tunnels 5 – opleggen
Regeling, norm

SATO 8: afgezonken tunnels 5 – opleggen

Auteurs:
Rijkswaterstaat
Uitgever: Ministerie van Verkeer en Waterstaat
Uitgave: 2005 | Geüpload op: 1 mei 2016

In SATO (Specifieke aspecten tunnelontwerp) heeft Rijkswaterstaat richtlijnen voor het ontwerp van tunnels bijeengebracht. Hoofdstuk 8 'SAATU' gaat over specifieke aspecten van afgezonken tunnels. In paragraaf 8.5 wordt het opleggen beschreven; het funderen van de tunnelelementen.

Bekijk document
Crossrail fire safety designs
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Crossrail fire safety designs

Auteurs:
Y.S. Ting, D.C. Eckford
+3
Andere auteurs:
O.R. Dinsdale-Young, H. Liang, I.N. Bowman
Uitgever: Mott MacDonald
Uitgave: 2012 | Geüpload op: 1 mei 2016

Dit document geeft een overzicht van de evoluerende brandveiligheidskwesties en ontwerpen voor het Crossrail-project, en zal een aantal van de uitdagingen waarmee het ontwerpteam wordt geconfronteerd uitlichten.

Bekijk document
De lessen van de Haagse tramtunnel
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

De lessen van de Haagse tramtunnel

Auteurs:
A.F. van Tol
Uitgever: Geodelft, TU-Delft
Uitgave: 2016 | Geüpload op: 1 mei 2016

In dit artikel over de Haagse tramtunnel (het Souterrain) wordt ingegaan op "wat er mis ging", "hoe het is opgelost" en "wat er van geleerd kan worden" voor zover dit (geo)technische aspecten betreft.

Bekijk document
Prüfbericht M74 – Dauerhaftigkeitsprüfungen Tübbingbeton
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Prüfbericht M74 – Dauerhaftigkeitsprüfungen Tübbingbeton

Auteurs:
Ing. C. Gehlen
Uitgever: RWTH Aachen University
Uitgave: 19 juni 1998 | Geüpload op: 1 mei 2016

Het Instituut voor Building Research van de RWTH Aachen University (ibac) werd als aannemer aangesteld om een onderzoek uit te voeren van de duurzaamheid van een speciaal voorbereide betonmix. Deze door de opdrachtgever zelf geproduceerde mengverhouding is een beton dat met zijn zogenaamd goede duurzaamheidseigenschappen voor een groot project zou moeten voldoen aan alle eisen.

Bekijk document
Response of Piled Buildings to the Construction of Deep Excavations
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Response of Piled Buildings to the Construction of Deep Excavations

Auteurs:
M. Korff
Uitgever: IOS Press BV
Uitgave: december 2012 | Geüpload op: 1 mei 2016

Het promotieonderzoek van Mandy Korff (Deltares, Cambridge University) biedt inzicht in de mechanismen van de grond-gebouwinteractie bij op palen gefundeerde gebouwen naast diepe ontgravingen.

Bekijk document
Project VALANK – Proeven met vallende ankers
Kennisdocument of (onderzoeks)rapport

Project VALANK – Proeven met vallende ankers

Auteurs:
H. den Adel; J.T. van der Poel
Uitgever: Bouwdienst Rijkswaterstaat
Uitgave: april 1998 | Geüpload op: 1 mei 2016

Er zijn drie schaalproeven in de grote modelbak van Grondmechanica Delft uitgevoerd met vallende ankers, twee dummy ankers, bestaande uit grote conussen met een tophoek van 120° respectievelijk 60° en een pool anker. De ankers vallen in een laag zand van 0,8 m dik en een relatieve dichtheid van ongeveer 0,4.

Bekijk document